Uitgelicht: Esmee Smelt

Met de SLIM-regeling wil het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) leren en ontwikkelen in het mkb vanzelfsprekend maken. Hoe kijken medewerkers die meewerken aan het uitvoeren van SLIM eigenlijk zelf tegen de regeling aan? En hoe zit het met hun eigen leerervaring? We vragen het aan Esmee Smelt, beleidsmedewerker bij SZW.


Waarom is leven lang ontwikkelen belangrijk voor iedere mkb-onderneming?

“Er verandert veel op de arbeidsmarkt en door maatschappelijke uitdagingen zoals de klimaatverandering ontstaan allerlei nieuwe banen. Voor bedrijven is het belangrijk om daarop in te spelen zodat hun werknemers de juiste kennis en vaardigheden in huis hebben. Maar ook als je het zelf leuk wilt houden in je werk zul je je moeten blijven ontwikkelen. Anders val je stil en wordt het eentonig.”


Wat vind je goed aan de SLIM-regeling?

“Dat een ondernemer de subsidie kan aanvragen en daarbij zelf het heft in handen neemt. De regeling ondersteunt concrete activiteiten. De ondernemer bepaalt vervolgens waar hij ondersteuning op wil hebben en gaat daarmee aan de slag. SLIM geeft handen en voeten, dat vind ik er leuk aan. En ik hoop dat ondernemers door deze regeling enthousiast worden om meer te investeren in leren en ontwikkelen. Dat ze nu meer de mogelijkheden zien en daar actie op ondernemen. Ik zie bijvoorbeeld projecten voorbijkomen van ondernemers die met een MKB!deebijdrage een knelpunt hebben aangepakt en daar een vervolg aan geven met een SLIM-subsidie. Op die manier maken ze een ontwikkelinhaalslag, prachtig toch?”


Wat is een belangrijk leermoment geweest in jouw werkleven?

“Dat klinkt misschien gek maar toen ik vier jaar geleden begon met werken realiseerde ik me ineens dat je van fouten maken het meest leert. Tijdens m’n studie leerde ik om gefocust te zijn op het vermijden van fouten, om zoveel mogelijk punten te scoren. En dat is zo jammer, want als het goed gaat rol je van het een in het ander en besef je nauwelijks wat je gedaan hebt. Het ging immers goed, prima toch? Maar maak een fout en je slaat onmiddellijk aan het reflecteren: waar ging het mis, wat had ik moeten doen en hoe zorg ik ervoor dat het de volgende keer wel lukt? Die momenten onthoud je. Natuurlijk probeer ik m’n werk zo goed mogelijk te doen, maar de beknelling, de angst om te falen is eraf. Daar wordt werken niet alleen een stuk leuker van, het gaat ook soepeler omdat je een open houding aanneemt. Dat inzicht vond ik bevrijdend.”


Wat wilde je later worden toen je klein was?

“Actrice! Maar toen veranderde ik van mening, wilde ik schrijver worden omdat ik van verhalen hield. En daarna was het een tijd lang regisseur, leek het me leuk om het proces begeleiden. Pas aan het eind van de middelbare school kwam een eind aan mijn verliefdheid op het theater en ben ik serieus op zoek gegaan naar een vervanging.”


Dat werd uiteindelijk beleidsmedewerker bij SZW...

“Ja, grappig hè! En hoewel het op het oog iets heel anders lijkt, zitten er wel degelijk onderdelen van mijn vroegere liefde voor theater in mijn werk: het schrijven, de verhalen, het proces begeleiden. Er valt genoeg te ontdekken in deze functie. Maar ik ben jong en heb nog een heel werkleven voor me. Ik hou ervan om me te ontwikkelen, dus wie weet wat er nog allemaal in het verschiet ligt.”