Waarom Iedema zelf een academie oprichtte
Toen Iedema Projectstoffeerders merkte dat goede stoffeerders steeds moeilijker te vinden waren, besloot het familiebedrijf om in actie te komen. Gewoon door zelf de handen uit de mouwen te steken. “Als je blijft zeggen dat je te druk bent om iemand op te leiden, kom je er nooit uit,” zegt directeur Bart Lenting. “Wij hebben die cirkel bewust doorbroken.”
De aanleiding was even simpel als urgent: een tekort aan vakmensen. Maar de keuze om te investeren in leren, bracht veel meer teweeg. Onder de naam Iedema Academy ontstond een intern opleidingsprogramma dat het bedrijf structureel veranderde. Twee ervaren stoffeerders kregen een nieuwe taak: geen productie, maar begeleiding. “We zijn gaan benoemen wat we al deden, en hebben daar structuur aan gegeven,” legt Bart uit.
Zonder leren geen toekomst
In de beginfase botste de nieuwe aanpak nog wel eens met de dagelijkse praktijk. “Niet iedereen vindt het leuk om op te leiden. Planners sturen op productie, niet op leren,” vertelt Bart. “Dan zei een leermeester: ‘Even vegen, dan heb ik geen last van je.’” Door functies, locaties en werkdruk beter op elkaar af te stemmen, ontstond er ruimte om wél tijd te maken voor leren. Die keuze wierp zijn vruchten af. De Academy richt zich op vaktechniek en op zachte vaardigheden zoals communicatie en samenwerken. “Want je kunt nog zo’n mooie vloer leggen, maar als je niet goed communiceert met de klant, blijft dát hangen.”
Van werkvloer tot kantoor: leren is overal
Wat begon met stoffeerders, breidde zich uit naar de hele organisatie. “We hebben nu begin-twintigers op kantoor die met frisse ideeën komen en het tempo verhogen,” zegt Bart. “Dat inspireert de rest van het team.” Ook stagiairs en studenten dragen bij. Zo leidde een hbo-project tot een circulair gordijn, gemaakt van lokaal vlas. “Dat kwam gewoon uit een studentenvraagstuk. En nu ontwikkelen we het als serieus product.”
Behoud van vakmanschap en mensen
De effecten zijn zichtbaar én voelbaar. “Een kwart van ons personeel is nu onder de dertig. Dat was een paar jaar geleden ondenkbaar,” aldus Bart. Medewerkers stromen minder snel uit, en zijn sneller inzetbaar. Ook op de werkvloer is de sfeer veranderd. “Mensen voelen ruimte om te groeien. Dat geeft energie.” Oudere collega’s dragen hun kennis nu over aan de volgende generatie. “Sommigen kunnen fysiek minder aan, maar vinden juist weer betekenis in hun rol als leermeester. Dat houdt het vak én de mensen in beweging.”
Een cultuur waar leren vanzelfsprekend is
Volgens Bart is het allerbelangrijkste dat leren geen project meer is, maar een vast onderdeel van het bedrijf. “Mensen stellen nu zelf vragen. Ze willen meer weten, willen beter worden. Dat is precies wat je wilt.” Het succes zit niet alleen in de structuur, maar ook in hoe je het uitdraagt. “We praten erover, laten het zien, maken het zichtbaar. Dat zorgt voor verbinding, trots en eigenaarschap.”
Duurzaam vakmanschap vraagt om keuzes
Vooruitkijkend wil Iedema verder inzetten op brede inzetbaarheid en duurzaamheid. “We willen dat mensen kunnen schakelen. Niet alleen specialist zijn, maar ook andere competenties ontwikkelen.” En: “We kijken niet meer alleen naar prijs, maar ook naar milieubelasting. Wat betekent een product écht, over de hele keten?”
Durven beginnen, durven loslaten
Wat Bart andere ondernemers wil meegeven? “Wacht niet op het perfecte moment. Begin gewoon. En maak ruimte, ook als dat ten koste lijkt te gaan van productie. Het betaalt zich terug.” Ook leiderschap vraagt iets anders. “Ik dacht altijd dat ik alles moest overzien. Maar juist door los te laten, ontstaan er dingen die je zelf nooit had kunnen bedenken.”
En de belangrijkste les?
“Leren is kansen geven. En als je die echt biedt, krijg je er iets voor terug dat veel verder gaat dan vakmanschap alleen.”
Iedema is onderdeel van de Leercultuurcampagne 'Leren op de werkvloer levert aardig wat op'.
