Wij maken op onze website gebruik van cookies. Wij gebruiken cookies voor het bijhouden van statistieken (de cookies van Google Analytics zijn volledig geanonimiseerd) om voorkeuren op te slaan, maar ook voor marketingdoeleinden. Als je akkoord gaat met ons gebruik van cookies, klik dan op 'Cookies toestaan'. Lees hier onze cookieverklaring.

Cookies toestaan Weigeren

Diversiteit in beeld

Jongeren opleiden zodat zij de juiste vaardigheden hebben voor de regionale arbeidsmarkt. Medewerkers van het regionale bedrijfsleven blijvend inzetbaar houden door om- en bijscholing. De innovatiekracht van het mkb stimuleren. Dat is de inzet van publiek-private samenwerkingen tussen beroepsonderwijs en bedrijfsleven. Het kabinet trekt in eerste instantie 123 miljoen euro uit om bestaande samenwerkingsverbanden een stap verder te brengen. De bijdrage komt uit het Nationaal Groeifonds en is onderdeel van het Actieplan Groene en Digitale banen. Hiermee wil het kabinet het personeelstekort in techniek en ICT aanpakken zodat Nederland vol kan blijven inzetten op de energie- en digitale transitie. 

Het groei- en concurrentievermogen van Nederland staat onder druk. Transities op het gebied van klimaat, energie, zorg, landbouw en wonen vragen veel van ons menselijke kapitaal. De vakmensen van morgen hebben andere kennis en vaardigheden nodig. En er zijn er méér van nodig. We zullen daarnaast veel beter gebruik moeten maken van kennis en innovatieve oplossingen.  

De afgelopen 10 jaar zijn ruim 400 publiek-private samenwerkingsverbanden (pps) ontstaan met 12.000 bedrijven, 8.000 docenten en 124.000 studenten die de aansluiting tussen beroepsonderwijs en arbeidsmarkt aantoonbaar verbeteren. De Rijksbijdrage van 123 miljoen zorgt ervoor dat vijftien consortia tussen onderwijs en bedrijfsleven door gerichte investeringen verder kunnen worden opgeschaald, zodat nóg meer scholieren, werkenden en werkzoekenden worden opgeleid voor een baan in de techniek of ICT. Hiermee kunnen we een deel van de kloof dichten tussen het beroepsonderwijs en de arbeidsmarkt. En geven we een impuls aan de toepassing van innovaties in de praktijk, leven lang ontwikkelen en het productiviteitsniveau van (kleine) bedrijven. 

De regeling in cijfers
123 miljoen toegekend vanuit het ministerie t/m 2027: 42% van de totale kosten 
97 miljoen bijdrage aan cofinanciering vanuit het bedrijfsleven 

Laagst toegekende bedrag van aanvraag: 4,3 miljoen 
Hoogst toegekende (en maximale) bedrag van aanvraag: 9 miljoen 
Gemiddelde toekenning per aanvraag: 8,2 miljoen 

21 aanvragen 
15 gehonoreerd 

Investeren in de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt 
De bijdrage uit het NGF werkt als multiplier: elke euro wordt voor mimimaal 58% gematched door andere stakeholders zoals het bedrijfsleven. Dit betekent dat er mede dankzij het Groeifonds voor een totaal van 293 miljoen wordt geïnvesteerd door de overheid, onderwijs en het bedrijfsleven.  

Wie doen mee? 
De 15 consortia die gaan opschalen zijn samenwerkingsverbanden van samenwerkingsverbanden: succesvolle en verduurzaamde publiek-private samenwerkingsverbanden die samen de krachten bundelen om samen nog meer impact te maken. Ze zijn opgebouwd uit netwerken van onderwijsinstellingen, werkveldpartners en regionale en lokale overheden. De bijgevoegde afbeelding geeft de totale huidige samenstelling van onderliggende pps-stakeholders van alle consortia bij elkaar opgeteld weer. 

Doelstellingen 
Met het grote aantal partners bereiken de consortia al een heel groot aantal studenten, docenten, ondernemers, werknemers, etc. Met de investering vanuit het NGF-opschalingsprogramma willen we dit bereik nóg verder vergroten. In het onderstaande plaatje wordt toegelicht op welke gebieden de consortia uiteindelijk tot wel meer dan 3x zo groot willen worden: 

Activiteiten 
De consortia gaan hard aan het werk om bovenstaande doelstellingen te realiseren. Om deze ambities te bereiken hebben zij doelstellingen gedefinieerd die vallen binnen vijf actielijnen: versterken van ketens en ecosystemen (verbinden van partijen uit verschillende (sectoren, (onderwijs)domeinen en disciplines), talentonwikkeling van aankomende en huidige werknemers (bv. ontwikkelen van nieuwe curricula en/of leervormen), een leven lang leren voor werknemers en werkzoekenden (bv. het ontwikkelen van (in company) trainingen, e-learning modules, etc.), innovatie van de beroepspraktijk (bv. ontwikkelen van oplossingen voor praktijkvragen in een bedrijfsopdracht, onderzoeksproject, learning communities etc.) en contextrijke infrastructuur.  

In al deze actielijnen worden veel tijd en middelen geïnvesteerd, het meest in het versterken van ketens en ecosystemen. Een indicatie van de verdeling van de uitgaven naar actielijn wordt hieronder weergegeven: 

  

Landelijke spreiding 
Elk consortia bedient een gebied dat ten minste één provincie beslaat, een aantal zelfs meerdere provincies. Dit zorgt ervoor dat de toegekende plannen relatief goed verspreid zijn over het land. In elke provincie bevinden zich pps’en die onderdeel zijn van een consortia. Bekijk ze hier op de netwerkkaart.

Maatschappelijke uitdagingen en groeisectoren 
De consortia dienen allemaal bij te dragen aan cruciale maatschappelijke uitdagingen en groeisectoren. De netwerken die samen de consortia vormen werken allemaal binnen sectoren die aansluiten bij provinciaal en/of regionaal beleid, met een grote focus op energietransitie en digitalisering. In een vroeg stadium van het selectieproces zijn pps-consortia met ambities voor opschaling voorgesorteerd op basis van (1) daadwerkelijke krapte op de arbeidsmarkt, (2) potentiële bijdrage aan maatschappelijke uitdagingen en verdienvermogen, (3) het bereik van de pps onder bedrijven en studenten en (4) aansluiting bij het provinciaal en/of regionaal beleid.  

De energietransitie en digitalisering raken veel verschillende sectoren. Het werkgebied van de consortia is daarmee heel divers en ‘multisectoraal’. In de grafiek hieronder is de relatie weergeven tussen sectoren1 het aantal betrokken consortia. 

De consortia werken niet alleen multisectoraal samen, maar ook multilevel en multidisciplinair. Dit houdt in dat verschillende opleidingsdomeinen en opleidingen, verschillende opleidingssoorten (bijvoorbeeld mbo en hbo) en verschillende vakgebieden worden gecombineerd.